Op het RLO organiseren we het schooljaar in vier periodes. Per periode volg je maximaal acht vakken (en niet twaalf, dertien of veertien vakken zoals bij een continu jaarrooster het geval is). De leerling kan zo per periode de aandacht richten op minder vakken.

Sommige vakken staan het hele schooljaar op het lesrooster. Hierbij gaat het vooral om de ‘kernvakken’ zoals Nederlands, wiskunde en Engels. Kleinere vakken komen in één, twee of drie lesperiodes in het lesrooster.

Elke periode duurt acht lesweken en wordt in de negende week afgesloten met een afsluitende toetsweek. Je maakt proefwerken en neemt deel aan activiteiten waarmee je de periode afrondt. Voor onderbouwleerlingen begint elke dag van de afsluitende week met een mentoruur. In de examenklassen worden in de afsluitende weken ook schoolexamens van het Programma van Toetsing en Afsluiting afgenomen.